elkaar helpen

met ger-tuinen

introductie

Dit is een visie over de toekomst van de “Europese” ger.

Het bestaat uit twee delen:
  • een plan voor de opzet van een nieuw soort volkstuinen , waarin ger een grote rol spelen.
  • een verzoek aan de mongoolse ambassadeur tot ondersteuning van de realisatie van de nieuwe ger- werkplaats anex kenniscentrum.

Deze delen zijn met elkaar verweven. mensen die ik van het leuke van het volkstuin-plan probeer te overtuigen raken op de hoogte van steun op ambassade-nivo;

En verder is deze visie bedoelt voor:
  • de instanties die stukken grond beheren waar een ander soort natuur op geprobeerd mag worden (zoals gemeentes, provinciale landschappen en , grondbeheers-organisaties).
  • en voor diegenen die het leuk zouden vinden het volgende ger-kennis centrum te helpen huisvesten.


analyse

Er is een groeiende vraag naar een no-nonsense invulling van een duurzame levenswijze. Maar in de praktijk blijkt daar nog niet zo gemakkelijk invulling aan te kunnen worden gegeven. Op kleine schaal, in de eigen achtertuin, wordt geexperimenteerd. Op iets grotere schaal wordt er veel papier en mb's besteed aan voorlichting. En op hoog nivo wordt er heel veel gepraat, vele intenties uitgesproken en vooral veel mooie plannen gemaakt. Desondanks komt het er steeds net niet van die groene, no-nonsense levenswijze mogelijk te maken. Het streven naar een simpeler en eerlijker vorm van leven en wonen, staat (vaak) lijnrecht tegenover de gecompliceerdheid van de huidige regelgeving op velerlei gebied, en dat is jammer. Terwijl dit streven eenvoudig gerealiseerd kan worden door een bestaand concept als uitgangspunt te nemen. namelijk de oude, vertrouwde volkstuinen (ze zijn ontstaan in een van de vorige krises en hebben inmiddels ruimschoots hun bestaansrecht bewezen).

aanleiding

Nu binnenkort zowel de broed- cq vrijplaats ADM in Amsterdam, en de woongemeenschap “het grensgeval” in Baarle-Nassau (waar ik allebei persoonlijk bij betrokken ben) aan hun einde komen, lijkt het me een goed idee om na te gaan of het mogelijk is in plaats van weer een andere plek te “hergebruiken / “rechteloos”-in gebruik-te-nemen”, een nieuwe vorm van samenwonen te ontwikkelen.

Waar duidelijk behoefte aan is (gebleken naar aanleiding van door mij gevoerde gesprekken de afgelopen tijd), zijn plekken zoals het ADM en het grensgeval, waar mensen in kleine woongemeenschappen min of meer vrijblijvend min of meer samen wonen (zonder direkt in een hypotheek te vervallen). En vooral het “niet tussen vierkante stenen muren” is een vrijwel universele wens. Waarbij het “ecologies verantwoordde” , en het “groen”, een minstens zo grote rol spelen

Waarom niet nu, op niet-zo-vrijblijvend nivo, gaan experimenteren met een nieuwe variant op woon- vormen?

Het lijkt het me de moeite waard om de “volkstuin” te gaan gebruiken, met als grote voordeel
  • dat het een bestuurlijk bekend concept is,
  • dat er verschillende vormen van zelfbestuur uit te proberen zijn,
  • dat de grootte hanteerbaar gehouden kan worden,
  • dat een biologiese volkstuin voor kinderen een educatieve must is, en
  • dat het vast wel mogelijk moet zijn om her en der een aantal stukken grond van bijvoorbeeld 2 hectare voor telkens 10 jaar te pachten, waarbij de betrokken gemeente dan in eerste instantie zou moeten gedogen dat grond met een landbouwbestemming als volkstuin gebruikt wordt. en later, bij gebleken tevredenheid van alle betrokkenen, de bestemming te wijzigen.

welke rol kunnen ger gaan spelen?

Ik woon al ruim 8 jaar in een ger. Ik heb niet ergens een huis, of een woonboot. Wel een werkplaats, maar daarmee verdien ik mijn geld, en maak ik mij nuttig. Voor mij is een ger is een perfecte woon-machiene; voor iedereen die een beetje 'slow' kan leven.

Ik heb de kennis niet in huis om de ecologies voetafdruk van leven (en een deel van je voedsel “maken”) in ger op een ger-volkstuin te berekenen.
De constuktie van een ger is redelijk eenvoudig, voor een groot gedeelte herbruikbaar, en biologies afbreekbaar, gemaakt om makkelijk te verplaatsen, prettig om in te wonen (vanwege de ronde vorm en het licht van boven), en uitstekend te verwarmen dankzij de wollen isolatie. (de mens is zijn vachtje grotendeels kwijtgeraakt, en hier is die dan weer terug).

Voor mij lonkt een experiment waarbij op ronde percelen in ger wordt gewoond; met de “moes” er tussen in. In een later te schrijven bijlage wil ik dit idee verder uitwerken; de financiele kanten kunnen het probleem niet zijn.

Wat mensen, die bij mij naar ger komen informeren, vaak tegenhoudt om er één aan te schaffen is de onzekerheid over de geldende regels (die het niet toe zouden staan er ergens in te gaan wonen).

Dat is jammer, want er zitten een aantal grote voordelen aan het experiment, want behalve de genoemde ecologiese voetafdruk noopt ook de verhouding met bezit in zo'n relatief kleine ruimte tot bezinning.

Het voelt prettig om vanwege praktiese redenen afstand te mogen nemen van het komsumeren.

wat er ondertussen aan het gebeuren is

Er komen nu een aantal lijnen in onze wereld bij elkaar, zoals dat zo treffend heet:

Individualisering heeft onze samenleving danig op zijn kop gezet, en de weg gewezen naar samenwerking. Spirituele ontwikkeling en ontplooing zijn min of meer geaccepteerd als leidraad voor het dagelijkse leven. Verantwoordelijkheid is meer een keuze geworden, in plaats van een sociaal bepaalde plicht. Het blijkt dat meer bezit niet automaties leidt tot meer geluk: de echte prijs voor bezit is vaak wel erg hoog. De geld-wereld blijkt ook een piramide-spel te verhullen, waarin dromen automaties in nachtmerries veranderen.

Uiteindelijk zullen we maatschappelijk verder moeten evolueren: Het materialisme, de bezitsdrift, de angst voor “te-weinig” onder ogen zien en overstijgen. Net zoals de vogels met hun evolutie de zwaartekracht overstijgen.

wat wij gedaan hebben Wij hebben heel veel praktijkervaring opgedaan met verschillende vormen van samenwonen in groepen; en met afspraken die werken, en die niet werken.

En, bovendien, heel in het kort: goeie ger leren bouwen, en die kennis doorgegeven, en ger neergezet en erin gewoond, en ze op festivals gebruikt, en ze heel veel mensen laten zien en bewonderen.

nooitmeerhaast

De aktiviteiten met de mongoolse yurts (die wij, en de mongolen, dus “ger” noemen), gebeuren onder de naam “nooitmeerhaast”; zo langzamerhand een begrip in alternatief nederland.

De “bedrijfs”-politiek van nooitmeerhaast is (al een tijdje, we zijn al tien jaar bezig met bouwen en wonen):

over 5 jaar staan er 500 ger in nederland. we gaan ze niet allemaal bouwen, en ook niet verkopen, maar we doen ons best om het zo leuk mogelijk te laten verlopen.

en dit bereiken we door
  • Waarheidsgetrouwe voorlichting te geven over de problemen die zich voor kunnen gaan doen, zoals lekkerij, tocht, onderlopen.
    • je moet je boekhouding dus niet in een kartonnen doos op de grond laten staan.
    • in de herfst lijkt het best koud, totdat je bedenkt dat je je warme sokken tevoorschijn moet halen.
    • in een echte storm ervaar je ook echt de storm; daar is een storm voor. maar je ger overleeft het, met een dikke steen in het midden, en de banden stevig vast.
  • Door duidelijk te vertellen dat een ger aandacht en onderhoud nodig heeft, zoals een boot, of een kledingstuk; en hoe je dat moet doen.
    • minstens een keer per jaar verplaatsen,
  • Door de cursus hoe-bouw-ik-m'n-eigen-ger aan te bieden, ook aan mensen zonder twee rechter handen (maar wel met een rechter-hoofd).
  • Door het “first complete ger-book” te schrijven (door Froit van der Harst);
    • het eerste boek “ooit”, dat de echte konstruktie van de ger beschrijft.
  • Door een ger-werkplaats op te zetten (en in stand te houden!); en daar een enorme hoeveelheid praktiese kennis te verzamelen, ook op het educatieve vlak.

    eigenlijk is de nooitmeerhaast-werkplaats een kennis-centrum.

    er komen mensen die wat te vragen hebben.
    er komen mensen die wat te repareren hebben.
    er komen mensen die zelf een ger willen bouwen.
    en de mensen die al een ger hebben, komen langs om het laatste nieuw te horen,
    of om de laatste import-ger te zien.


    De werkplaats is nu zo'n vijf keer verhuisd, van de ene plek naar de volgende. en iedere keer werd het mooier, en beter; functioneler.
  • En uiteindelijk dus ook, zoals hier blijkt, door ons met de regelgeving-kant van de zaak bezig te houden. conclusie De 'europese' ger is volwassen aan het worden, de mensen zijn er klaar voor: waarom geen ger-tuinen! We weten niet precies waar het heen gaat, maar we weten wel welke kant het op moet. Als we elkaar een beetje helpen, gaat het gewoon gebeuren.


Met dank aan alle mensen die geholpen hebben mijn ideeën zo helder mogelijk op papier te krijgen.

Opmerkingen, suggesties, correcties enzo graag naar Maarten Stam